Een bonk van een kerel met tatoeages stapt uit. Voor ik met mijn ogen kan knipperen, staat mijn fiets op de kop

Column 13 augustus 2026 2 minuten Petra van Nederpelt
Petra van Nederpelt
Anneke Vat-Pul

Als Petra van Nederpelt na lang aarzelen de moed heeft om de ANWB te bellen voor haar lekke band, krijgt ze een verrassing voor haar deur. En ze krijgt een wijze les mee.

Al een half uur loop ik rondjes om mijn eettafel. Op deze tafel liggen mijn mobiel en mijn ANWB-pasje. Want gistermiddag, toen ik uit mijn werk kwam, trof ik mijn fiets met een platte achterband in de fietsenstalling aan.

Gelukkig kon ik de band nog even flink oppompen en haalde ik daarmee precies mijn huis. Maar inmiddels is mijn band weer zo plat als een dubbeltje.

Geen appeltje-eitje
Voor dit soort gevallen heb ik enige tijd geleden mijn ANWB-wegenwachtservice uitgebreid met fietshulp.

Voor de meeste mensen zal dit een-appeltje-eitje-geval zijn. Wegenwacht bellen, band laten plakken en klaar is Kees!

Maar die mensen zullen waarschijnlijk weten of je wel of niet bij je fiets moet blijven staan als de wegenwacht bezig is.

Deze mensen weten vast wat ze dan de hele tijd moeten zeggen.

Deze mensen hebben mogelijk geen schuldgevoel dat ze zelf geen banden kunnen plakken…

Ik sta er zwijgend bij en weet uiteindelijk de intelligente vraag te stellen of hij het druk heeft vandaag.

Na al mijn ja-maars veelvuldig gewikt en gewogen te hebben, pak ik opeens ferm mijn telefoon en bel de wegenwacht. Via een link die ik toegestuurd krijg, meld ik keurig mijn bandenpech en het wachten is begonnen.

IJverig stort ik me op het stoffen en zuigen van mijn woonkamer en kijk om de vijf minuten naar buiten of mijn gele vriend al voor de deur staat.

Bonk van een kerel
Anderhalf uur later is hij er! Een bonk van een kerel, inclusief tatoeages, stapt uit.

Voordat ik met mijn ogen kan knipperen, staat mijn fiets al op de kop en zoekt hij minutieus naar de boosdoener.

Ik sta er zwijgend bij en weet uiteindelijk de intelligente vraag te stellen of hij het druk heeft vandaag.

„Nee hoor, mevrouwtje. Daar word je echt geen leuker mens van”

„Valt wel mee, hoor,” zegt mijn helpende reus. „Gewoon één klant per keer!”

„Maar krijgt u dan geen stress als u weet dat er zo veel pechgevallen staan te wachten?” probeer ik nog een keer.

„Nee hoor, mevrouwtje,” even kijkt hij me medelijdend aan, „daar word je echt geen leuker mens van.”

Leuk mens
De volgende dag brengt mijn stalen ros me weer naar mijn werk. Als ik mijn computer opstart, slaak ik een zucht als ik de volle agenda zie.

Opeens moet ik weer aan gisteren denken en pak mijn lege mok.

Terwijl ik naar het keukentje loop, mompel ik met een grijns tegen mezelf: „Eén patiënt per keer, Peet, dan blijf je een leuk mens…”

Uitgelicht

Nieuw binnen

Deze week populair

Best Gelezen Opvoeding
Best Gelezen Kerk